De Emslandkampen van Oberlangen en Wesuwe

De Emslandkampen van Oberlangen en Wesuwe

Als je bij Westerwolde en Drenthe de Nederlands-Duitse grens over gaat, dan kom je in een uitgestrekt veengebied terecht: het Emsland. Hier lagen in de Tweede Wereldoorlog de Emslandkampen (Emslandlager). Onlangs bezocht ik er twee.

Als je de kaart erbij pakt, zie je een groot verschil met de Nederlandse kant van de grens. Hoewel zuidoost Groningen en zuidoost Drenthe ook in Nederland als ‘platteland’ te boek staan, zie je hier toch redelijk veel dorpjes en grotere en kleinere wegen. Niet in het Emsland. De lege groene vlakken op de kaart zijn enorm, de dorpjes en stadjes makkelijk te tellen, en er zijn bijna alleen maar landweggetjes.

Het Emsland

Aan weerszijden van die kleine weggetjes staan hoge bomen, oud en kromgegroeid. Er is al jaren niet gewerkt aan het wegdek. De weggetjes lijken nergens toe te leiden, verdwijnen in de horizon. Hier en daar kom je eens een boerderij tegen. Op zaterdagen wordt het gras gemaaid en het stoepje geveegd, op zondag ruikt het er naar groentesoep. De gevelstenen op de eeuwenoude boerenschuren laten paarden en jaartallen zien. Dichte bossen worden afgewisseld met weidse akkers. Verkeer lijkt praktisch niet-bestaand, de drukte van stedelijke gebieden héél ver weg. Hier lijk je af en toe terug te gaan in de tijd.

In de rest van Duitsland staat het Emsland over het algemeen nog steeds bekend als ‘leeg’ en ‘de periferie’. Het was tot enkele decennia geleden ook één van de meest afgelegen en armste gebieden in Duitsland. Overigens was het Emsland tot de eenwording de ‘landkreis’ met het grootste oppervlakte van West-Duitsland – maar ook met één van de laagste inwoneraantallen.

Net als zuidoost Groningen en zuidoost Drenthe, maakte het Emsland eens deel uit van het Bourtangermoeras. Dit was een enorm en ontoegankelijk hoogveengebied met donkere bossen, en enkele zandruggetjes waarop mensen konden wonen. Aan de Nederlandse kant van het Bourtangermoeras werd in de achttiende eeuw al begonnen met de ontginning van het hoogveen. Later gebeurde dit op steeds grotere schaal. Vanwege de bevolkingsgroei en industrialisatie was er turf nodig, en het ontgonnen land moest gebruikt worden voor de landbouw. In het Emsland ontstond die behoefte pas veel later. Omdat het zo dunbevolkt is, zijn er nog steeds onontgonnen moerasgebieden over. Dat geeft het gebied een gevoel van eenzaamheid, uitheemsheid en rust.

Het Emsland
Het Emsland

De Emslandkampen

In dit gebied, ver verwijderd van de rest van de wereld, legde het Duitse nazi-regime in de jaren dertig van de vorige eeuw vijftien kampen aan: de Emslandlager. Het waren concentratie-, strafgevangenen-, militaire internerings- en krijgsgevangenenkampen. Hier hebben naar schatting 100.000 tot 180.000 krijgsgevangenen en 80.000 politieke- en strafgevangenen moeten verblijven. Ongeveer 38.000 van deze gevangenen zijn in deze Emslandlager overleden. Het merendeel (ongeveer 35.000) waren Russische krijgsgevangenen. Omdat er geen aantallen werden bijgehouden, gaat het hier om grove schattingen. De gevangen van de kampen werden ingezet als (dwang)arbeider bij de ontginning van de veengebieden.

Ik ben opgegroeid aan de Gronings-Duitse grensgebied en heb veel fietskilometers in het Emsland liggen. De Emslandlager kom je onderweg veelvuldig tegen, en elke keer maakt het weer grote indruk op me. Vorige week fietste ik vanuit Ter Apel naar kamp VI (in Oberlangen) en kamp VIII (in Wesuwe). Het enige wat nog over is van deze twee kampen, zijn de begraafplaatsen (Kriegsgräberstätte).

Kamp VI: Oberlangen

Het hobbelige asfaltweggetje gaat over in een nog smaller klinkerpaadje. Aan beide zijden liggen glooiende weilanden. Dan komt er een bos in het vizier. Het ruikt er naar dennenbomen. Midden in deze eenzame natuur ligt de begraafplaats van Emslandkamp VI.

Kamp VI was van 1933 tot 1939 een werkkamp voor vijanden van het nazi-regime. De gevangen werkten onder zware omstandigheden in de veenontginning. Daarna werd het een krijgsgevangenkamp, eerst voor Polen en daarna voor Russen. Hoewel West-Europese krijgsgevangen werden behandeld volgens de voorwaarden uit de Geneefse Conventie, werden de Russische krijgsgevangenen gezien als untermenschen en vielen daarom onder een concentratiekamp regime. De krijgsgevangenen die hier in het leven hebben gelaten, zijn dan ook voornamelijk Russen. Ziektes, honger, kou en moord zorgden ervoor dat het sterftecijfer de lucht in schoot. In 1943 werd Kamp VI het een interneringskamp voor Italiaanse militairen en in 1944 voor vrouwelijke krijgsgevangenen uit Polen.

Deze vrouwen maakten deel uit van de Armia Krajowa. Zij hadden meegedaan aan de opstand in Warschau, als verpleegster, koerier of soldaat. De Poolse vrouwen stonden onder leiding van commandante Irena Mileska, beter bekend onder haar schuilnaam Jaga. Ze was jong, blond en streng en rechtvaardig. Als de rest van de vrouwen het niet meer zag zitten, zette ze een lied in en begon iedereen te zingen. Jaga was docente en gaf samen met andere geleerde vrouwen taalcursussen aan de meisjes in het kamp, die soms niet ouder dan 14 jaar waren. Boerenfamilies uit de buurt mochten een aantal meisjes opnemen in de huishouding, maar elke avond moesten ze teruglopen om te overnachten in het kamp. Op 12 april 1945 werd Kamp VI vanuit Emmen bevrijd door de Polen. Er zaten toen nog 1728 vrouwen in het kamp.

Ik ben hier vaker geweest, maar de locatie weet me altijd weer te grijpen. Je moet goed zoeken, want het ligt aan een onverhard pad en is haast onzichtbaar door de bomen en heesters die de afgelopen weken opeens een frisgroene kleur hebben gekregen. Het waait er altijd hard. Ik druk het hekje open en aanschouw het beeld dat zich voor me uitstrekt. Op het keurig bijgehouden grasveld staan kleine stenen met een simpel kruis erop. Onder de grond liggen 62 krijgsgevangen in individuele graven en 2000-4000 krijgsgevangen in een massagraf. Dat is haast niet te bevatten. Ik kijk om me heen. Het groene gras wordt gespikkeld met gele paardenbloemen, en langs de kant bloeien hortensia’s. Verder is er alleen de wind.

De oorlogsbegraafplaats van Oberlangen
De oorlogsbegraafplaats van Oberlangen

Kamp VIII: Wesuwe

Emslandkamp VIII in Wesuwe werd in 1938 opgericht – eerst als strafkamp voor tegenstanders van het regime, maar een jaar later als kamp voor krijgsgevangenen. Hoewel er ook Franse, Belgische en Poolse krijgsgevangenen in Wesuwe werden ondergebracht, was ook hier het overgrote deel van de krijgsgevangenen van Russische afkomst. Omdat het nazi-regime vond dat Russen onopgevoed en onopgeleid waren, moesten zij de woeste gronden bewerken, maar er was geen voeding, kleding, gezondheidszorg of hygiënische huisvesting. Krijgsgevangenen die een poging deden om te ontsnappen, werden direct vermoord. Het kamp werd op 12 april 1945 bevrijd door de Canadezen.

Er rest enkel nog een begraafplaats. Die is moeilijk te vinden, eenzaam verstopt tussen dichte bossen. De overlevenden hebben na de bevrijding nog maandenlang in het kamp moeten blijven wonen, omdat het niet direct mogelijk was terug te reizen naar Rusland. Op de begraafplaatsen liggen 98 Russen in individuele graven, voorzien van grafsteen met naam. Alexej, Nikolai, Petr. Ze zijn na de bevrijding overleden in het kamp. Hun namen zijn in de stenen gebeiteld door hun kameraden. Bij één van de stenen staat een kaarsje. Tien jaar geleden bezocht ik deze begraafplaats ook al. Toen vonden we hier een geplastificeerd portretje van een Russische militair.

Daarnaast liggen er nog 2000-4000 Russische slachtoffers in drie massagraven – en dit is een voorzichtige schatting. Oorspronkelijk lagen de massagraven achter het kamp, maar die waren na verloop van tijd onbereikbaar geworden door de drassige grond. Daarom werd er een nieuwe plek uitgekozen, direct achter de huidige begraafplaats. Unbekannte Ausländische Kriegstote, staat erop de stenen. Zoveel broers, vaders, echtgenoten, zonen. Ver weg van huis en haard, op de woeste gronden van het Bourtangermoeras, zijn ze naamloos de eeuwigheid ingegaan.

Tachtig jaar na de oprichting van het kamp heerst er een vredige rust op de begraafplaats. De wind ruist zachtjes door de bomen en de vogeltjes fluiten. Een merel zingt: opdat we niet vergeten.

De oorlogsbegraafplaats van Wesuwe
De oorlogsbegraafplaats van Wesuwe
De oorlogsbegraafplaats van Wesuwe
De oorlogsbegraafplaats van Wesuwe

Bronnen

Albers, P. Gevangen in het veen: de geschiedenis van de Emslandkampen: 15 onbekende concentratiekampen langs de grens van Groningen en Drenthe. Groningen: Uitgeverij Noordboek, 2005.

http://www.diz-emslandlager.de/
https://www.tracesofwar.nl/sights/1638/Strafkamp-Wesuwe-Emslandlager-VIII.htm
https://www.tracesofwar.nl/sights/1639/Strafkamp-Oberlangen-Emslandlager-VI.htm

© Sanne Meijer, 2018


 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *